CO₂-Prestatieladder en CSRD: één dataset, twee rapportages

Laatst bijgewerkt: 11 augustus 2026 · Palau

Ja. De footprint uit de CO₂-Prestatieladder 4.0 is bruikbaar voor uw CSRD-rapportage: beide hanteren dezelfde scope-indeling en nemen alle broeikasgassen mee. Voorwaarde is dezelfde organisatorische grens. De Ladder dekt een deel van ESRS E1. Sociaal en governance blijven ongedekt.

Laatst bijgewerkt: 11 augustus 2026. Auteur: Palau.

Kan ik de footprint van de Ladder hergebruiken voor ESRS E1?

Ja. De emissie-inventaris die u opstelt voor de CO₂-Prestatieladder gebruikt dezelfde scope-indeling als de ESRS, neemt alle broeikasgassen mee en niet alleen CO₂, en is gebouwd op ISO 14064-1 en het GHG Protocol. SKAO schrijft dat de footprint "direct" in de CSRD-rapportage gebruikt kan worden (SKAO over de relatie tussen CSRD en de Ladder).

Twee dingen bepalen of dat in uw geval ook echt lukt.

  1. De organisatorische grens moet in beide kaders dezelfde zijn. SKAO noemt dat expliciet: het is belangrijk dat "de organisatie voor beide dezelfde organisatorische grenzen aanhoudt" (bron). Verschilt de grens, dan is de footprint niet overdraagbaar zonder herberekening. Bij groepen met meerdere werkmaatschappijen verschilt hij bijna altijd.
  2. CO₂-compensatie valt buiten het meetbereik van de Ladder. Uw ESRS-disclosure over verwijderingen en carbon credits bouwt u dus volledig apart op.

Eén ding dat vaak als voorwaarde wordt gepresenteerd, is dat niet: SKAO stelt in dezelfde tekst juist vast dat "het toegestaan is om tank-to-wheel-emissies apart te rapporteren" (bron). Dat is een toestemming, geen extra eis.

Wat zegt SKAO er zelf over?

Op de Engelstalige site schrijft SKAO (relationship between CSRD and CO₂ Performance Ladder 4.0):

"By meeting the requirements of the CO₂ Performance Ladder version 4.0, an organisation covers part of the ESRS set, specifically ESRS E1 on climate change."

"the footprint produced by the organisation in accordance with the CO₂ Performance Ladder requirements can be used directly in the CSRD report, since the same scope classification is used, all greenhouse gases (not just CO₂) are included."

"During the development of the CO₂ Performance Ladder 4.0, CSRD was taken into account."

In het Nederlandstalige artikel over dezelfde relatie staat (SKAO-blog):

"doordat met de CO₂-Prestatieladder een CO₂-managementsysteem wordt geïmplementeerd, kan de organisatie hier steeds opnieuw op terugvallen als onderbouwing van het jaarlijkse CSRD-duurzaamheidsverslag."

"CO₂-Prestatieladder 4.0 hanteert daardoor zoveel mogelijk dezelfde randvoorwaarden als CSRD."

Let hier op één ding, want het bepaalt hoeveel u van uw dossier kunt hergebruiken. SKAO is niet consistent over de omvang van de dekking. In het CSRD-artikel staat: "Door te voldoen aan de eisen van CO₂-Prestatieladder versie 4.0, dekt een organisatie een deel van de ESRS-set af, namelijk ESRS E1" (bron). In de toelichting op versie 4.0 staat: "Door te voldoen aan de eisen van CO₂-Prestatieladder 4.0 dekt u een substantieel deel van ESRS E1" (bron). Wij houden in dit stuk de voorzichtigste van de twee aan: een deel van ESRS E1, en welk deel staat in de tabel hieronder.

Wat SKAO niet publiceert, is de crosswalk zelf: welke eis van de Ladder correspondeert met welke disclosure requirement.

Wat is het verschil tussen de Ladder en de CSRD?

CO₂-Prestatieladder 4.0CSRD / ESRS
AardCO₂-managementsysteem plus aanbestedingsinstrumentWettelijke rapportageverplichting
Verplicht?Vrijwillig, maar contractueel relevant via gunningvoordeelWettelijk verplicht boven de drempels
OnderwerpUitsluitend klimaatMilieu, sociaal en governance
UitkomstCO₂-bewust certificaat, drie jaar geldig, jaarlijkse controleDuurzaamheidsverklaring in het bestuursverslag
ToetsingCertificerende Instelling, geaccrediteerd onder ISO/IEC 17021-1 door de Raad voor Accreditatie (RvA) of door de Belgische accreditatie-instelling BELACAssurance in de jaarverslaggevingscyclus
EmissiefactorenVoorgeschreven nationale lijsten (co2emissiefactoren.nl, co2emissiefactoren.be)Geen voorgeschreven lijst
CompensatieValt buiten het meetbereik van de LadderApart te rapporteren onder carbon credits
DoelSturen op steeds minder uitstootTransparant rapporteren over impact, risico en kans
PubliekOok overheden en opdrachtgeversOndernemingen

SKAO formuleert het onderscheid zo: "het verslag van CSRD maakt transparant wat de impact van de organisatie is, maar wie CO₂-Prestatieladder 4.0 implementeert stuurt ook op steeds minder klimaatimpact van die activiteiten" (bron). Daar komen de eisen aan maatregelen en aan ketensamenwerking vandaan die in ESRS E1 nergens staan.

Welke eis van de Ladder dekt welke ESRS E1-disclosure?

De tabel gebruikt de ESRS E1-nummering die vandaag in werking is, uit Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/2772. De hernummering die vanaf boekjaar 2027 komt, staat verderop.

Element in de CO₂-Prestatieladder 4.0Vanaf tredeESRS E1-disclosureWat u er nog bij moet doen
Emissie-inventaris scope 1 en 2, inclusief niet-CO₂-broeikasgassen waar relevant1E1-6 "Gross Scopes 1, 2, 3 and Total GHG emissions"Scope 3 ontbreekt op trede 1. Locatie- en marktgebaseerde scope 2 apart tonen
Energieverbruik plus expliciete energiebesparingsdoelen (trede 1)1E1-5 "Energy consumption and mix"Uitsplitsing hernieuwbaar en niet-hernieuwbaar in het ESRS-format
CO₂-reductiedoelen voor de korte termijn1E1-4 "Targets related to climate change mitigation and adaptation"Basisjaar en tussendoelen volgens de ESRS-intervallen
CO₂-beleid en aanwijzing van sleutelpersonen1E1-2 "Policies related to climate change mitigation and adaptation"Beleid formeel vastleggen en beleggen op bestuursniveau
Plan van aanpak met concrete maatregelen1E1-3 "Actions and resources in relation to climate change policies"Koppeling aan investeringen (capex) en operationele uitgaven (opex)
Klimaattransitieplan, verplicht vanaf trede 2 (trede 2 en 3)2E1-1 "Transition plan for climate change mitigation"Verankering in governance en toelichting op Parijs-uitlijning
Waardeketenanalyse over scope 1, 2, 3 en OBE2E1-6, het scope 3-deelHet ESRS-materialiteitsproces zelf, dat de Ladder niet voorschrijft
Overige beïnvloedbare emissies (OBE)2Geen eigen disclosureLadder-specifiek. Valt buiten de scopes en dus buiten E1-6
Nul uitstoot in 2050 over alle scopes (eis 3.B.1)3E1-1 en E1-4Onderbouwing van locked-in emissies
CO₂-compensatie, buiten het meetbereikNiet van toepassingE1-7 "GHG removals and GHG mitigation projects financed through carbon credits"Volledig apart op te bouwen
Geen equivalentE1-8 "Internal carbon pricing"Volledig apart op te bouwen
Geen equivalentE1-9 "Anticipated financial effects from material physical and transition risks"Volledig apart op te bouwen
Geen equivalentESRS 2 SBM-3 en ESRS 2 IRO-1, de materiële impacts, risico's en kansen plus de scenarioanalyseVolledig apart op te bouwen

De tabel is een werkverdeling. De linkerkant hebt u al liggen als u gecertificeerd bent. De rechterkant, met name de verwachte financiële effecten en de klimaatscenarioanalyse, heeft de Ladder nooit gevraagd en bouwt u voor het eerst op.

Voor de opbouw van de scope 3-cijfers die E1-6 vraagt, zie de waardeketenanalyse in de praktijk.

Wat dekt de Ladder helemaal niet?

Titels van de standaarden zoals ze in de Nederlandse tekst van Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/2772 staan.

ESRS-standaardOnderwerpGedekt door CO₂-Prestatieladder 4.0?
ESRS 1Algemene vereistenNee
ESRS 2Algemene toelichtingenDeels. Governance rondom CO₂ wel, de rest niet
ESRS E1KlimaatveranderingGedeeltelijk, zie de crosswalk hierboven
ESRS E2VerontreinigingNee
ESRS E3Water en mariene hulpbronnenNee
ESRS E4Biodiversiteit en ecosystemenNee
ESRS E5Materiaalgebruik en circulaire economieNee. OBE raakt hergebruik van materialen, maar dat levert geen E5-disclosure op
ESRS S1Eigen personeelNee
ESRS S2Werknemers in de waardeketenNee
ESRS S3Getroffen gemeenschappenNee
ESRS S4Consumenten en eindgebruikersNee
ESRS G1Zakelijk gedragNee
Dubbele materialiteit (proces, geen standaard)Het proces zelfNee
EU-taxonomie (geen ESRS-standaard)AlignmentNee

Twaalf ESRS-standaarden, waarvan de Ladder er één raakt en die ene niet volledig. Wie u vertelt dat de Ladder u CSRD-klaar maakt, verkoopt u iets.

Waarom is het klimaattransitieplan de brug naar ESRS E1?

Het klimaattransitieplan is nieuw in 4.0. SKAO schrijft: "Een Klimaattransitieplan hoeft u pas op te stellen vanaf trede 2 van CO2-Prestatieladder 4.0" (SKAO over het klimaattransitieplan). De structuur ervan volgt E1-1, de transitieplandisclosure van ESRS E1.

SKAO noemt zes onderdelen: aanpassing van strategie en businessmodel aan de klimaattransitie, onderbouwde meetbare en tijdsgebonden doelen, concrete acties en planning, een financiële onderbouwing, governance en verantwoordelijkheid, en monitoring en transparantie (bron). Wie die lijst naast E1-1 legt, ziet dezelfde opbouw.

SKAO stelt daarbij dat het plan van de Ladder "concreter" is als het gaat om doelen en maatregelen, en "ambitieuzer dan dat van de CSRD" (bron). Er zit ook een verplichting in die ESRS E1 niet kent. Voor organisaties met meer dan 250 werknemers geldt dat het klimaattransitieplan "moet worden afgestemd met een onafhankelijke deskundige en in het kader van samenwerking twee keer per jaar moet worden besproken met een ketenpartner. Dit moet telkens een andere partner zijn" (SKAO over trede 2 en 3). Die laatste zin is het operationeel lastige deel: u hebt per jaar twee verschillende ketenpartners nodig die hier tijd voor vrijmaken.

Schrijf het klimaattransitieplan daarom één keer, meteen zo dat het aan beide kaders voldoet.

Is mijn organisatorische grens voor de Ladder gelijk aan die voor de CSRD?

Meestal niet, en dit is het punt waar het hergebruik in de praktijk vastloopt.

De CSRD rapporteert op de geconsolideerde groep, dus op de lijst juridische entiteiten uit de jaarrekening. Het CO₂-bewust certificaat wordt afgegeven aan een specifieke gecertificeerde organisatie, die zelden exact diezelfde lijst is. Bij een groep met meerdere werkmaatschappijen zijn dat twee verschillende entiteitenlijsten.

Het gevolg merken mensen laat. Een document dat geschreven is voor de groep, bijvoorbeeld een klimaattransitieplan of een communicatieplan, kan niet één op één worden gebruikt voor het Ladder-certificaat van één specifieke entiteit. Het moet worden hernoemd of herschreven op de juiste scope. Dat is voor de auditor geen formaliteit.

Daaronder zit een structureel probleem. In onze werksessies met sustainability-teams bij bouw- en infragroepen, die in het Engels werden gevoerd, verwoordde een sustainability lead het zo:

"The reason that this is so complicated is because you have two overlapping systems."

Elke middelgrote groep draait twee administraties tegelijk: statutair op juridische entiteiten, operationeel op business units. Ze lopen niet gelijk en geen van beide is fout. Dezelfde sustainability lead over hoe die twee zich verhouden:

"A business unit can work for two different legal entities, but it will always be the same activity."

De activiteit is wat over de jaren stabiel blijft. Welke juridische entiteit er factureert, wisselt vaker, zeker bij een groep die overnames doet.

In de gesprekken die wij voeren komt daarbij een profiel terug dat u kunt herkennen: in de orde van 170 business units, ruim 60 locaties, 50 juridische entiteiten en drie landen. Op die schaal is de keuze van uw verzamelniveau bepalend. Verzamel op het fijnste niveau dat u kunt volhouden en rapporteer grof. Aggregeren van fijn naar grof gaat prima. De omgekeerde weg bestaat niet: wat u niet hebt verzameld, kunt u achteraf niet uitsplitsen. De uitwerking staat in organisatorische grenzen bij groepen met meerdere entiteiten.

Moet ik twee klimaatplannen schrijven?

Liever niet. Laat u beide trajecten los van elkaar lopen, dan gebeurt er iets voorspelbaars. Twee certificeringstrajecten wijzen gaten aan in hetzelfde document en die gaten overlappen maar gedeeltelijk. De vraag die praktijkmensen dan stellen is bestuurlijk: hoe groot is het risico dat we eindigen met twee documenten die verschillende dingen zeggen?

Ook een assurance-verklaring van een grote accountant op uw transitieplan garandeert niet dat alle onderdelen die de Ladder vraagt erin staan. Een geassureerd document en een kaderdekkend document zijn twee verschillende dingen.

Stel dus één plan op dat in één keer aan alle kaders voldoet. Dat kost bij het schrijven extra tijd. Die tijd verdient u terug bij elke volgende audit.

Dan de bewijslast. Uit dezelfde werksessies, een omschrijving van wat audit-ready werkelijk betekent:

"If we can have a disclosure, all the evidence locked to the data point, and the text with evidence where it got it from, then I think we already won the discussion with the auditor beforehand."

Dat geldt voor beide kaders. Het verschil is dat de CSRD-assurance en de audit voor de Ladder dezelfde bron mogen gebruiken, mits het bewijs aan het datapunt hangt en niet aan het document.

Wat betekent Omnibus voor deze combinatie?

De Raad van de Europese Unie keurde de Omnibus I-richtlijn op 24 februari 2026 definitief goed. De CSRD geldt daarmee voor ondernemingen met "more than 1,000 employees and above €450 million net annual turnover" (Raad van de Europese Unie). De richtlijn is op 26 februari 2026 in het Publicatieblad verschenen en op 18 maart 2026 in werking getreden; lidstaten moeten de CSRD-wijzigingen tegen 19 maart 2027 omzetten (Latham & Watkins, overzicht van de gepubliceerde Omnibus).

Bedrijven uit de eerste rapportagegolf die door de nieuwe drempels buiten scope vallen, krijgen een overgangsvrijstelling voor 2025 en 2026. De Raad spreekt van "a transition exemption for companies that had to start reporting from financial year 2024" die daarmee "falling out of scope for 2025 and 2026" (bron).

Van de ongeveer 8.000 gecertificeerde organisaties op de Ladder is 75 procent midden- en kleinbedrijf (mkb). Vrijwel niemand daarvan haalt die drempels. Voor die groep was de CSRD tot vorig jaar de grote verplichting waar de Ladder een deelverzameling van was. Die verhouding is omgedraaid.

Wat er voor het overgrote deel van de Ladder-populatie overblijft:

  • De CO₂-Prestatieladder is het klimaatmanagementsysteem dat daadwerkelijk bindend doorwerkt, omdat het via gunningvoordeel in het contract landt.
  • De vraag naar uw cijfers verdwijnt niet, want uw opdrachtgevers hebben uw getal nodig voor hun eigen scope 3.
  • De vastgestelde Omnibus I-richtlijn zet wel een grens op die vraag. Er is een value chain cap die beperkt welke duurzaamheidsinformatie rapporterende ondernemingen mogen opvragen bij partijen in hun waardeketen met minder dan 1.000 werknemers (Latham & Watkins).

Die cap verwijst naar de vrijwillige standaard. De gedelegeerde handeling die de Commissie op 3 juli 2026 aannam bevat een basismodule B3 "Energy and greenhouse gas emissions", een uitgebreide module C3 "GHG reduction targets and climate transition" en een module C4 "Climate risks" (bijlage bij C(2026) 5011). Uw footprint van trede 1 vult B3 grotendeels. Zie CO₂-Prestatieladder en VSME voor die vergelijking, met de kanttekening dat SKAO daar geen officiële mapping voor publiceert. SKAO wijdt er in het CSRD-artikel één zin aan: "Dit geldt ook voor de VSME" (bron).

Verandert de nummering van ESRS E1?

Ja, en dat moet u weten voordat u een crosswalk vastlegt in een sjabloon.

De Europese Commissie nam op 3 juli 2026 de gedelegeerde handelingen met de herziene ESRS aan. Het aantal verplichte datapunten daalt met "over 60%", het totale aantal met "over 70%", en de Commissie verwacht "more than 30% per company" lagere rapportagekosten (Europese Commissie, 3 juli 2026).

Vast staan die standaarden nog niet. De gedelegeerde handelingen zijn overgedragen aan het Europees Parlement en de Raad voor een toetsingsperiode van twee maanden, die met nog eens twee maanden verlengd kan worden, en treden pas in werking als die periode is afgelopen zonder bezwaar (Europese Commissie). Op het moment van schrijven, 11 augustus 2026, loopt die toetsing nog. Zodra de handeling in werking treedt, gelden de herziene standaarden voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2027, met vrijwillige vervroegde toepassing voor boekjaar 2026 (EFRAG).

ESRS E1 wordt daarbij hernummerd. Volgens de vergelijkingstabel van EFRAG van december 2025 (Comparative Table December 2025, E1):

OnderwerpHerkomst in de huidige ESRSNieuwe code
Transitieplan voor klimaatmitigatieE1-1E1-1
Identificatie van klimaatrisico's en scenarioanalyseESRS 2 IRO-1 (E1.IRO-1)E1-2
Weerbaarheid tegen klimaatveranderingESRS 2 SBM-3 (E1.SBM-3)E1-3
Beleid inzake klimaatveranderingE1-2E1-4
Acties en middelenE1-3E1-5
Doelen inzake klimaatveranderingE1-4E1-6
Energieverbruik en energiemixE1-5E1-7
Bruto scope 1, 2 en 3 broeikasgasemissiesE1-6E1-8
Verwijderingen en carbon creditsE1-7E1-9
Interne CO₂-beprijzingE1-8E1-10
Verwachte financiële effectenE1-9E1-11

Let op de tweede rij. De nieuwe E1-2 komt niet uit de oude E1-2, maar uit het proces voor het identificeren van impacts, risico's en kansen (IRO-1) in ESRS 2. De oude E1-2 over beleid wordt E1-4. Wie zijn Ladder-dossier koppelt aan disclosure-nummers in plaats van aan onderwerpen, koppelt precies aan het deel dat verschuift.

Wat doet u nu praktisch?

  1. Controleer eerst of u na Omnibus nog CSRD-plichtig bent. Voor veel houders van een certificaat is dat niet meer zo.
  2. Leg beide organisatorische grenzen naast elkaar op entiteitniveau. Verschillen ze, dan weet u nu al welke documenten opnieuw gescopet moeten worden.
  3. Verzamel op business unit of activiteit, niet op juridische entiteit alleen.
  4. Schrijf het klimaattransitieplan één keer, tegen beide kaders tegelijk.
  5. Hang bewijs aan het datapunt en bouw uw crosswalk op onderwerpen in plaats van op disclosure-nummers, want die nummers wijzigen zodra de herziene ESRS in werking treden.

Voor de bredere context over versies en overgangsdata: waarom er nu drie treden zijn in plaats van vijf niveaus en van 3.1 naar 4.0, wat u kunt hergebruiken. Wat de certificering zelf kost, staat in wat kost de CO₂-Prestatieladder in 2026. Een overzicht van wat Palau voor de Ladder doet staat op de pagina over de CO₂-Prestatieladder.

Hoe Palau hiermee omgaat

Palau bewaart uw activiteitendata één keer in Reef, de datawarehouse-laag, en genereert daaruit zowel de rapportage voor de CO₂-Prestatieladder als de ESRS E1-disclosures, zonder de dataset te dupliceren. De module Organisatiestructuur consolideert over entiteiten heen, zodat u de entiteitenlijst van het certificaat en die van de jaarrekening naast elkaar kunt aanhouden. Bewijs en documenten beheert u in Vault, gekoppeld aan de rapportage waarin ze worden gebruikt.

Vraag een pilot aan.

Veelgestelde vragen

Kan ik de footprint van de CO₂-Prestatieladder hergebruiken voor ESRS E1? Ja, mits de organisatorische grens in beide kaders dezelfde is. SKAO bevestigt dat de footprint direct bruikbaar is in de CSRD-rapportage.

Welk deel van de ESRS dekt de Ladder? Een deel van ESRS E1, en verder niets. Sociaal, governance en de overige milieustandaarden blijven volledig ongedekt.

Moet ik twee klimaattransitieplannen schrijven? Nee. Schrijf er één dat aan beide kaders tegelijk voldoet, en houd rekening met de bespreekverplichting die alleen de Ladder kent.

Bronnen