CO₂-Prestatieladder niveaus: waarom er nu drie treden zijn in plaats van vijf niveaus

Laatst bijgewerkt: 11 augustus 2026 · Palau

De CO₂-Prestatieladder heeft sinds handboek 4.0 (14 januari 2025) drie treden en geen vijf niveaus meer. Trede 1 gaat over uw eigen organisatie, scope 1 en 2. Trede 2 breidt dat uit naar de keten, scope 3. Op trede 3 werkt u naar nul uitstoot in 2050. De vijf niveaus horen bij het oudere handboek 3.1, waarop tot 14 januari 2027 nog geauditeerd kan worden.

Laatst bijgewerkt: 11 augustus 2026 · Auteur: Palau

Wat zijn de niveaus van de CO₂-Prestatieladder in 2026?

Er zijn geen niveaus meer. SKAO publiceerde handboek 4.0 op 14 januari 2025 en beschrijft de wijziging op de eigen pagina over de Ladder als "vervanging van vijf niveaus door drie treden met hoger ambitieniveau" (SKAO, Wat is de Ladder). Op de toelichtende blog staat het nog directer: "In versie 4.0 van de CO2-Prestatieladder maken de vijf niveaus van certificering van versie 3.1 plaats voor drie treden" (SKAO, Dit betekenen de drie treden).

De oude niveaus 1 en 2 zijn geschrapt. Niveau 3, jarenlang het feitelijke marktminimum, is het nieuwe instappunt geworden en heet nu trede 1. Certificeren op 4.0 kan sinds 14 juli 2025. Wie na 14 januari 2027 een audit heeft, doet die verplicht op 4.0.

Beide modellen zijn nu tegelijk in omloop. Er lopen nog aanbestedingen op 3.1 en er lopen al aanbestedingen op 4.0. De overgangsregeling van SKAO zet daar een einddatum op: "Dit betekent dat er tot 14 januari 2028 nog geldige certificaten voor Handboek 3.1 kunnen zijn (36 maanden na de publicatiedatum van Handboek 4.0)" (Overgangsregeling 3.1 naar 4.0, pdf).

Het gaat om een grote populatie. Er zijn ongeveer 8.000 gecertificeerde organisaties en meer dan 300 aanbestedende diensten die de Ladder in hun aanbestedingen gebruiken. Ongeveer driekwart daarvan is mkb; SKAO's eigen pagina over de Ladder houdt het op "ruim twee derde". Dat zijn dus vooral organisaties zonder eigen normafdeling, die de overstap er naast het dagelijkse werk bij doen.

Waarom doet het woord trede of niveau ertoe?

Onder certificaathouders circuleert een klacht die klein lijkt en dat niet is. Een duurzaamheidsverantwoordelijke verwoordde het zo: "We hebben een auditor die echt allergisch reageert als u trede zegt in plaats van niveau." In andere audits gebeurt precies het omgekeerde.

Het woord is een verklikker. Wie in een 4.0-traject nog over niveaus praat, laat zien dat het nieuwe handboek nog niet echt is doorgenomen. Andersom wekt u in een lopend 3.1-traject met het woord trede de indruk dat er al iets is opgeleverd dat er nog niet is.

De praktische regel: zeg niveau zolang uw certificaat op 3.1 staat, zeg trede zodra u de initiële 4.0-audit ingaat, en zet in ieder ambitiedocument het versienummer erbij. Zonder dat versienummer is "niveau 3" in 2026 een dubbelzinnige mededeling geworden.

Hoe werken de drie treden in handboek 4.0?

Trede 1Trede 2Trede 3
Naam bij SKAOCO₂ reduceren in uw eigen organisatieCO₂ reduceren met de ketenCO₂ reduceren naar 0 in 2050
ScopesScope 1 en scope 2Scope 1, 2 en 3, beperkt tot het deel met de meeste impactScope 1, 2 en 3 voor alle beïnvloedbare activiteiten
DoelhorizonKorte termijn, ongeveer 3 jaar5 tot 10 jaar2050
KlimaattransitieplanNiet vereistVerplichtVerplicht, met kwantitatieve onderbouwing
WaardeketenanalyseNiet vereistVerplichtVerplicht, kwantitatief
OBE (overige beïnvloedbare emissies)Niet van toepassingKwalitatief benaderdCijfermatig aangetoond
Nieuw ten opzichte van 3.1CO₂-bewustzijn en sleutelpersonen, expliciete energiebesparingsdoelen, niet-CO₂-broeikasgassenImpact- en invloedanalyse (eis 2.A.4), klimaattransitieplan, OBENul uitstoot als stip op de horizon voor alle scopes

Trede 1

Trede 1 gaat over uw eigen organisatie. U stelt een energiebeoordeling en een emissie-inventaris op voor scope 1 en scope 2, u maakt een plan van aanpak met een maatregellijst en u rapporteert minimaal één keer per jaar over de voortgang.

Drie dingen zijn echt nieuw (SKAO, Alles over trede 1). U moet sleutelpersonen aanwijzen die voor meer CO₂-bewustzijn zorgen: de mensen die beslissen over inkoop, wagenpark of gebouwbeheer en dus feitelijk de uitstoot sturen. U moet energiebesparing expliciet als doel formuleren, want CO₂-reductie leidt niet automatisch tot minder energieverbruik. En u moet niet-CO₂-broeikasgassen meenemen waar die relevant zijn, dus methaan, lachgas en koudemiddelen, omgerekend naar CO₂-equivalenten.

Er is ook iets verdwenen. Verplichte deelname aan een sectorinitiatief is eruit, u hoeft op trede 1 niet meer verplicht over zakelijk verkeer te rapporteren, en waar de voetafdruk in 3.1 halfjaarlijks werd verwacht, kan volgens SKAO in 4.0 "een keer per jaar al voldoende zijn".

Trede 2

Trede 2 trekt de grens naar de keten. Dat is scope 3, beperkt tot het deel waar u de meeste impact kunt maken. U begint met een impact- en invloedanalyse, eis 2.A.4 in het handboek: waar zit de uitstoot en waar heeft u werkelijk iets te zeggen. Daaruit volgt een waardeketenanalyse, eis 2.A.5, en een klimaattransitieplan met doelstellingen, eis 2.B.1, met een blik van vijf tot tien jaar vooruit (Handboek 4.0 trede 3, pdf).

Hier verschijnt ook de OBE, de overige beïnvloedbare emissies. Dat zijn emissies buiten uw eigen scopes die u toch kunt beïnvloeden, bijvoorbeeld door met gerecycled materiaal te bouwen of energie te delen met een bedrijf op hetzelfde terrein. Op trede 2 mag dat kwalitatief blijven.

Voor organisaties met meer dan 250 medewerkers komt er een extra eis bij. SKAO schrijft dat het klimaattransitieplan "moet worden afgestemd met een onafhankelijke deskundige en in het kader van samenwerking twee keer per jaar moet worden besproken met een ketenpartner. Dit moet telkens een andere partner zijn" (SKAO, Alles over trede 2 en 3). Twee gesprekken per jaar met dezelfde partner voldoen dus niet.

Wie niet weet waar te beginnen: SKAO publiceert een openbaar register met ruim 1.200 ketenanalyses van andere certificaathouders, waarvan het thema materiaalgebruik onder scope 3 met 440 documenten het grootste is (stand 11 augustus 2026). Dat is op dit moment de dichtstbijzijnde vervanger voor een sectorsjabloon.

Trede 3

Trede 3 vraagt een stip op de horizon: nul uitstoot in 2050 op scope 1, 2 én 3. Het verschil met trede 2 zit in de reikwijdte. SKAO formuleert het zo: op trede 2 "kunt u zich beperken tot de uitstoot van uw belangrijkste activiteiten, terwijl u zich voor trede 3 moet richten op alle activiteiten waarop u invloed kunt uitoefenen". De reductie moet cijfermatig worden aangetoond, binnen de eigen organisatie, in de keten en bij de OBE.

SKAO zegt zelf dat scope 3 op dit niveau zeer uitdagend is. Trede 3 vergt data van ketenpartners die die data vaak zelf nog niet hebben, en dat is een uitvraagprobleem voordat het een rekenprobleem is.

Wat is er structureel veranderd tussen 3.1 en 4.0?

De verandering gaat verder dan het aantal ambitiestappen. Ook de opbouw van het document is anders, en dat merkt u zodra u begint met schrijven.

Handboek 3.1Handboek 4.0
Ambitiestappen5 niveaus3 treden
DocumentvormEén handboek van ongeveer 100 pagina'sDrie aparte handboeken, één per trede
OpbouwEigen indelingDeel 1 volgt de ISO Harmonized Structure, deel 2 bevat de eisen per trede
Invalshoek AInzichtInzicht
Invalshoek BReductieReductie
Invalshoek CTransparantieCommunicatie
Invalshoek DParticipatieSamenwerking
Eisnummeringniveau.invalshoek.nummer, bijvoorbeeld 4.A.1trede.invalshoek.nummer, bijvoorbeeld 1.A.1
Scope 3 vanafNiveau 4Trede 2
Deelname aan initiatievenVerplichtAangemoedigd, niet verplicht
Aanlevering eisenDocumentgestuurdDigitaal via Mijn CO₂-Prestatieladder

De namen van de invalshoeken, de tweedeling in deel 1 en deel 2 en het eisnummer zijn na te lezen in het handboek 4.0 voor trede 1 (pdf), waarin staat: "De indeling in deel 1 volgt de ISO-Harmonized Structure (HS)."

Twee dingen hieruit veroorzaken in de praktijk de meeste verwarring.

Ten eerste de invalshoeken. De letters A tot en met D blijven, maar C en D heten anders. Transparantie is Communicatie geworden, Participatie is Samenwerking geworden. Uw bestaande communicatieplan is daarmee niet waardeloos, maar de eis eromheen is verschoven en de auditor toetst tegen de nieuwe formulering.

Ten tweede de nummering. Die ziet er identiek uit en telt anders. In 3.1 verwijst het eerste cijfer naar het niveau, in 4.0 naar de trede. Een verwijzing naar "3.A.1" betekent in 3.1 dus iets volstrekt anders dan in 4.0. In interne documenten die de overgang meemaken is dat een stille bron van fouten, zeker in kwaliteitshandboeken waar de eisnummers als kruisverwijzing zijn opgenomen.

Deel 1 van elk 4.0-handboek is voor alle treden gelijk en behandelt onder meer de organisatorische grens, het CO₂-managementsysteem en de documentatie. Voor groepen met meerdere entiteiten is juist dat deel 1 het lastigste stuk, en daar gaat de uitleg over organisatorische grenzen bij meerdere entiteiten dieper op in.

Welke trede komt overeen met mijn huidige niveau?

Hier moet u opletten, want SKAO beantwoordt deze vraag op vier eigen plaatsen niet helemaal hetzelfde.

Bron van SKAOWat er staat
FAQ"Certificaat Trede 1 voor Handboek 4.0 wordt geaccepteerd als een certificaat Niveau 1, 2 en 3 van Handboek 3.1." Trede 2 en trede 3 worden geaccepteerd als "een certificaat Niveau 4 en 5 van Handboek 3.1"
Blog over aanbesteden met 4.0"Trede 1 stelt u dan gelijk aan niveau 3 (3.1) en trede 2 of 3 aan niveau 5 (3.1)." Organisaties op trede 1 moeten minimaal dezelfde inspanning leveren als organisaties op niveau 3
Overgangsregeling 3.1 naar 4.0 (pdf)"Handboek 4.0-Trede 1 wordt geaccepteerd als Handboek 3.1 Niveau 3", trede 2 en trede 3 elk "als Handboek 3.1 Niveau 5"
Van handboek 3.1 naar versie 4.0"Trede 1 sluit het meest aan bij niveau 3 van versie 3.1." "Trede 2 sluit het meest aan bij niveau 5 van versie 3.1." "Trede 3 gaat verder dan elk niveau van versie 3.1"

Alle vier de bronnen zijn het eens over twee dingen: trede 1 ligt op de hoogte van het oude niveau 3, en trede 2 ligt op de hoogte van het oude niveau 5. Ze lopen uiteen op twee andere punten. Of trede 1 ook de oude niveaus 1 en 2 formeel afdekt, zegt alleen de FAQ met zoveel woorden. En over trede 3 spreken de bronnen elkaar tegen: de overgangsregeling en de blog stellen trede 3 gelijk aan niveau 5, terwijl de certificeringspagina zegt dat trede 3 verder gaat dan elk niveau van 3.1. Voor uw aanbesteding maakt dat geen verschil, want de acceptatieregel is in alle gevallen minimaal niveau 5. Voor uw planning wel: reken bij een sprong naar trede 3 niet op de omvang van een niveau 5-dossier.

Wat gebeurt er met niveau 4?

Er is geen trede die inhoudelijk op de hoogte van het oude niveau 4 ligt. In de aanbestedingspraktijk is dat afgedekt, want SKAO's FAQ accepteert een certificaat op trede 2 of trede 3 als een certificaat niveau 4 en 5. Wat ontbreekt is de zijwaartse stap.

Bent u nu op niveau 4 gecertificeerd, dan zakt u in formele erkenning naar trede 1 of u maakt de sprong naar trede 2, met een verplicht klimaattransitieplan en een waardeketenanalyse erbij. Voor deze groep is dat de zwaarste beslissing in de hele overgang. De vraag welke documenten meekomen en welke opnieuw geschreven moeten worden, staat uitgewerkt in de migratiegids van 3.1 naar 4.0.

Let ook op de auditvorm. SKAO schrijft: "een 4.0-audit voor trede 2 is altijd een initiële audit, ook als u al gecertificeerd was op niveau 5", en apart daarvan: "Een 4.0-audit voor trede 3 is altijd een initiële audit" (Van handboek 3.1 naar versie 4.0). Dat betekent meer auditdagen dan een gewone opvolgingsaudit, ook voor organisaties die al jaren op het hoogste niveau zitten. Wat dat kost, staat in het overzicht van de kosten van de CO₂-Prestatieladder.

Geldt mijn certificaat in de andere versie?

SituatieGeldig?
4.0-certificaat trede 1 in een aanbesteding op 3.1Ja. De FAQ noemt dit gelijk aan niveau 1, 2 en 3
4.0-certificaat trede 2 of 3 in een aanbesteding op 3.1Ja. De FAQ noemt dit gelijk aan niveau 4 en 5; de overgangsregeling noemt niveau 5
3.1-certificaat in een aanbesteding op 4.0Nee. SKAO: "een certificaat voor versie 3.1 is niet geldig in een aanbesteding op basis van versie 4.0"

De asymmetrie is commercieel relevant. Een 4.0-certificaat werkt in beide werelden, een 3.1-certificaat straks nog maar in één. Wie de komende twee jaar veel inschrijft, koopt met de overstap dus ook flexibiliteit in.

Wat waren de vijf niveaus van handboek 3.1?

Deze tabel is historisch. Handboek 3.1 is nog geldig voor lopende certificaten en voor aanbestedingen die er expliciet naar verwijzen, maar er kan na 14 januari 2027 geen 3.1-audit meer plaatsvinden.

Niveau (3.1)Wat het vroegScope
Niveau 1Globaal inzicht in de eigen energiestromen, reductiemogelijkheden benoemenScope 1 en 2, indicatief
Niveau 2Kwantitatief jaarverbruik, doelstellingen vastgelegdScope 1 en 2
Niveau 3Volledige emissie-inventaris conform ISO 14064-1 en het GHG Protocol, energiemanagement-actieplanScope 1 en 2
Niveau 4Rangorde van de meest materiële scope 3-emissies plus minimaal twee ketenanalysesScope 3 kwalitatief
Niveau 5Scope 3 gekwantificeerd, ketenpartners benoemd, strategisch ketenreductieprogrammaScope 3 kwantitatief

De vier invalshoeken in 3.1 waren Inzicht, Reductie, Transparantie en Participatie. Elk hoger niveau omvatte de lagere.

Niveau 3 was in de praktijk het marktminimum, omdat het de eerste stap was met een volwaardige footprint conform ISO 14064-1 en het GHG Protocol. Dat maakt begrijpelijk waarom het instappunt van 4.0 precies daar ligt, al motiveert SKAO die keuze nergens expliciet in die termen.

Waarom staan er overal nog vijf niveaus?

Omdat de meeste uitlegpagina's ouder zijn dan januari 2025 en niet zijn herschreven. Wij keken in augustus 2026 naar de resultaten op de kernzoekopdrachten: verschillende pagina's die bovenaan staan beschrijven nog steeds vijf ambitiestappen, met een recente datumstempel eronder. Vraag het vandaag aan een taalmodel en u krijgt vaak hetzelfde verouderde antwoord terug. Dat is onze eigen waarneming en geen meting van SKAO, maar het is in vijf minuten na te doen.

Er is ook een praktische reden: het oude model is nog niet dood. Weinig aannemers hebben de overstap afgerond, dus er zijn nauwelijks referentie-implementaties om naar te kijken, en sectorsjablonen bestaan niet. Zoals een praktijkmens het zei: "We genereren nu ons eigen format. Maar ik weet niet zeker of het aansluit bij wat de auditor verwacht."

Dat is precies de fase waarin verouderde uitleg zich het langst houdt. Iedereen citeert wat er is, en wat er is klopt niet meer. Controleer daarom bij elke bron die u leest of er een datum na januari 2025 op staat en of het woord trede erin voorkomt.

Welke trede moet ik kiezen?

Voor de meeste organisaties volgt het antwoord uit de aanbestedingen waarop zij inschrijven. U kiest de trede die uw opdrachtgevers belonen.

OpdrachtgeverWat er geldt
RijkswaterstaatVanaf 1 juli 2026 op nieuwe aanbestedingen 4.0, met een gunningvoordeel van 2% op trede 1, 4% op trede 2 en maximaal 6% op trede 3
ProRailGebruikt de Ladder sinds 1 december 2010 en stapt op 1 januari 2027 over op 4.0 voor alle nieuwe TenderNed-aankondigingen. Het voordeel loopt op met het ambitieniveau. Controleer altijd het percentage in het actuele aanbestedingsdocument
Overige aanbestedende dienstenMeer dan 300 in totaal. SKAO's voorbeeldmodel gaat uit van 5% voor trede 1, 10% voor trede 2 en 15% voor trede 3, maar elke dienst bepaalt dat zelf

SKAO stelt het expliciet: "Welk percentage, bedrag of puntenaantal u als gunningsvoordeel kiest, bepaalt u zelf." Er bestaat dus geen landelijk tarief en u moet het per opdrachtgever uitzoeken. De mechaniek van de fictieve korting en de juridische grenzen eromheen staan in het stuk over gunningvoordeel met de CO₂-Prestatieladder. Werkt u voor Vlaamse opdrachtgevers, kijk dan naar de situatie in België, want die volgt een eigen tijdlijn. Buiten Nederland en België is de Ladder nog marktontwikkeling, wat we uitwerken in de Ladder gaat internationaal.

Zit u buiten de bouw en de grond-, weg- en waterbouw, dan is de keuze lastiger, want SKAO's voorbeelden en de verplichte emissiefactoren zijn op die sectoren gesneden. Wat dat betekent voor IT, zorg, logistiek en industrie staat in de CO₂-Prestatieladder buiten de bouw. Bent u een kleinere organisatie die ook een VSME-rapport moet leveren, dan overlapt trede 1 daar een groot deel mee: zie CO₂-Prestatieladder en VSME.

Drie vuistregels die in de praktijk standhouden:

  • Schrijft u vooral in op werken waar niveau 3 werd gevraagd, dan is trede 1 uw doel.
  • Werd niveau 5 gevraagd, dan is trede 2 het minimum en is trede 3 een bewuste onderscheidingskeuze.
  • Zit u op niveau 4, dan is er geen neutrale optie en moet u de rekensom maken tussen het verlies aan gunningvoordeel en de kosten van de sprong naar trede 2.

Er is één argument dat losstaat van de aanbesteding. SKAO verwijst in de FAQ naar onderzoek waarin de CO₂-reductie bij gecertificeerde organisaties 3,2 procent per jaar bedroeg, tegenover een landelijk energiebesparingstempo van 1,5 procent per jaar. Dat onderzoek betreft de periode 2010 tot en met 2013, dus behandel het als een indicatie en niet als een actueel cijfer.

Wanneer moet u overstappen?

DatumWat er gebeurt
14 januari 2025Handboek 4.0 gepubliceerd
14 januari 2025 tot 14 juli 2025Certificerende instellingen halen accreditatie (RvA in Nederland, BELAC in België). In dit halfjaar zijn geen 4.0-audits mogelijk
14 juli 2025Eerste dag waarop organisaties op 4.0 gecertificeerd kunnen worden
Vanaf juli 2025Aanbestedende diensten zouden 4.0-certificaten moeten accepteren in aanbestedingen die nog op 3.1 zijn uitgeschreven
14 januari 2026Vroegste door SKAO aanbevolen datum voor aanbestedende diensten om 4.0 te vragen
1 juli 2026Rijkswaterstaat past 4.0 toe op nieuwe aanbestedingen
1 januari 2027ProRail stapt over op 4.0 voor nieuwe aankondigingen
14 januari 2027Laatst mogelijke 3.1-audit. Vanaf deze datum adviseert SKAO om 3.1 niet meer in aanbestedingen te gebruiken
Eerste audit na 14 januari 2027Harde deadline per certificaathouder: u stapt definitief over
14 januari 2028Uiterste datum waarop er nog geldige 3.1-certificaten kunnen zijn, 36 maanden na publicatie van 4.0

Reken terug vanaf uw eigen auditdatum, niet vanaf 14 januari 2027. Wie in maart 2027 audit heeft, moet in het najaar van 2026 al schrijven. Houd daarbij rekening met de zomerperiode: de klassieke situatie waarin de één op vakantie is, dan de ander drie weken weg is, en er pas eind augustus weer echt overlegd wordt, kost een voorbereidingstraject al snel de hele zomer.

De valkuil is dat de migratie op afstand meevalt. Zoals een duurzaamheidsverantwoordelijke het samenvatte: "We zijn klaar om de audit te doen volgens het 3.1-handboek, maar we hebben de nieuwe eisen uit het handboek niet." Het grootste deel van het werk komt mee. Wat niet meekomt, ziet u pas als u er gericht naar zoekt, en dat is meestal het moment waarop de auditagenda al vaststaat. Welke onderdelen auditors in de praktijk terugsturen, staat in het overzicht van wat auditors afkeuren.

Komt er nog een trede 4?

Trede 4 is in ontwikkeling. In een blogbericht van 19 februari 2025 schreef SKAO dat deze trede "op z'n vroegst pas in 2026" zou worden geïntroduceerd, na een co-creatietraject in de loop van 2025. SKAO voegde daaraan toe: "Omdat trede 4 zeker in het begin voor slechts enkele partijen zal zijn weggelegd, zal deze trede na de introductie niet meteen worden meegenomen als gunningscriterium in aanbestedingen." Medio 2026 is er nog geen invoeringsdatum bekendgemaakt. De eisen liggen niet vast, dus baseer er geen certificeringsplanning op en ga er in aanbestedingsdocumenten niet van uit.

Hoe pakt Palau dit aan?

In Palau staat de CO₂-Prestatieladder als apart raamwerk naast CSRD, VSME en EcoVadis, dus u rapporteert erop zonder een tweede administratie op te zetten. Bewijsstukken staan in Vault en blijven gekoppeld aan het datapunt waar ze bij horen, zodat een auditor de weg terug kan volgen van uitspraak naar bron. Datzelfde datapunt is via Reef ook beschikbaar voor uw CSRD-rapportage, zonder tweede uitvraag bij dezelfde mensen. Een kortere introductie op de Ladder staat op onze pagina over de CO₂-Prestatieladder.

Vraag een pilot aan

Veelgestelde vragen

Heeft de CO₂-Prestatieladder nu drie treden of vijf niveaus? Drie treden, sinds handboek 4.0 van 14 januari 2025. De vijf niveaus horen bij handboek 3.1. Volgens de overgangsregeling kunnen er tot 14 januari 2028 nog geldige 3.1-certificaten zijn.

Welke trede komt overeen met niveau 3? Trede 1. SKAO accepteert een 4.0-certificaat op trede 1 als bewijs voor CO₂-ambitieniveau 3 in een aanbesteding die nog op 3.1 is uitgeschreven.

Wat gebeurt er met niveau 4? Er is geen trede op de hoogte van niveau 4. Voor aanbestedingen is het wel afgedekt: de FAQ accepteert een certificaat op trede 2 of trede 3 als een certificaat niveau 4 en 5. Wie op niveau 4 zit, kiest dus tussen trede 1 en trede 2.

Is mijn 3.1-certificaat geldig in een 4.0-aanbesteding? Nee. Andersom wel: een 4.0-certificaat is geldig in een 3.1-aanbesteding.

Wanneer is mijn laatste kans op een 3.1-audit? 14 januari 2027. Bij uw eerste audit na die datum stapt u definitief over op 4.0.

Is een 4.0-audit een opvolgingsaudit of een initiële audit? Voor trede 2 en trede 3 is het volgens SKAO altijd een initiële audit, ook als u al op niveau 5 gecertificeerd was.

Bronnen